Intern reglement Bovoc Bouwel
Algemeen
1. Elke speler is
op de hoogte van het interne reglement dat geldt voor de club en
verklaart zich ermee akkoord door zijn aansluiting bij de club.
2.
Elke speler vertegenwoordigt de volleybalclub, het team, de medespelers
en zichzelf en dient zich dus maximaal in te zetten op een voorbeeldige
en enthousiaste wijze en zich zo te gedragen dat de reputatie van de
club hooggehouden wordt.
3.
Alle spelers moeten in elk geval de onderrichtingen navolgen van de
verantwoordelijken, officiëlen, begeleiders van de teams, trainers.
Beleefdheid en respect t.o.v. deze personen is uiteraard een must
4.
Afzeggingen, niet-deelname aan trainingen, stages, wedstrijden en
tornooien, activiteiten georganiseerd door de club worden steeds zo snel
mogelijk persoonlijk voorafgaandelijk eventueel telefonisch gemeld aan
de verantwoordelijke trainer van het team.
5.
Door zijn aansluiting heeft elke speler recht op alle activiteiten
georganiseerd voor het team waarvoor desbetreffende speler uitkomt.
Daarnaast heeft de speler tevens de plicht om op regelmatige wijze al
deze activiteiten bij te wonen binnen de mogelijkheden die externe
omstandigheden hem bieden. School/werk komt op de eerste plaats en bij
een eventuele drukke periode (bv. examens) kan in overleg met de trainer
naar een oplossing gezocht worden. De club verwacht dat elke speler
minstens een aanwezigheid van 80% bereikt. Ook gekwetste spelers worden
verwacht op de activiteiten georganiseerd voor hun team zodat deze geen
voeling met hun team verliezen, achterstand oplopen, helpen waar
mogelijk,…!
6.
Onenigheid tussen twee of meer spelers moet onmiddellijk uitgepraat
worden. Dit gebeurt onderling of door bemiddeling van de trainer.
Problemen die de ploeg overstijgen, kunnen
besproken worden met de jeugdcoördinator en /of de
ploegverantwoordelijken
7.
Het nieuwe seizoen start vanaf 1 augustus met de voorbereiding op de
competitie. Er wordt van de spelers verwacht dat zij hun vakantie in de
mate van het mogelijke voor deze datum plannen. Iedereen wordt
verondersteld tijdens de zomermaanden te werken aan zijn fysieke
conditie.
8.
Medische aspecten:
-
Elke kwetsuur of revalidatie wordt voor de aanvang van elke activiteit
gemeld aan de trainer.
-
Overleg tussen trainers en spelers m.b.t. medische controle (consultatie
dokter, kinesist,…) is wenselijk voor een gepaste samenwerking tussen
beide partijen.
Wedstrijden
9.
Eén uur voor de wedstrijd is iedereen aanwezig op het terrein.
10.
Opwarming gebeurt steeds in groep en in correcte en uniforme kledij.
11.
Het is aan de speler om te bewijzen dat hij een plaats in het team
waardig is. Er wordt gestreefd naar een gelijke verdeling van
spelgelegenheid binnen de mogelijkheden die de wedstrijden bieden,
gespreid over het volledige seizoen, rekening houdend met volgende
elementen:
-
Inzet (je best doen op training)
-
Attitude (sportieve houding t.o.v. medespelers, officiëlen, …)
-
Aanwezigheid op training (tijdig melden bij evt. afwezigheid)
12.
Zowel als speler als als ouder mag je steeds uitleg vragen over het hoe
en waarom, maar dan zonder vooroordelen en op een tijdstip dat het ook
de trainer past (bv. niet na de wedstrijd in de cafetaria, of tijdens de
wedstrijd zelf, maar liefst in de loop van de week na een training).
13.
In
de club wordt er een onderscheid gemaakt tussen competitie en beker. In
de competitie zal de opleiding centraal staan en zal er gespeeld worden
met de spelers die bij de start van het seizoen bij hun respectievelijke
ploegen worden ingedeeld. In de beker daarentegen wordt er gekozen voor
het resultaat en zal er steeds met de sterkst mogelijke ploeg gespeeld
worden.
14.
Spelers die niet op het terrein staan (bank) moeten op elk moment klaar
zijn om in te springen. Bij elke time-out verzamelt het hele team rond
de coach.
15.
Alleen de ploegkapitein mag met de officiëlen spreken. Hij/zij doet dit
op een beleefde manier
16.
Op de bank en naast het terrein zal steeds orde heersen, zowel voor,
tijdens als na de wedstrijd. Iedereen zal helpen bij het klaarzetten en
opruimen van het terrein
17.
Na elke wedstrijd zal iedereen de tegenstrever de hand drukken en de
officiëlen groeten.
18.
Na de wedstrijd neemt iedereen deel aan de cooling-down, al of niet
begeleid door de trainer.
19.
Het klaarzetten en opruimen van het plein gebeurt door de spelers
20.
Elk seniorsploeg wordt minstens 2x maal per seizoen ingezet voor het
klaarzetten en opruimen van de sporthal. De precieze datum wordt per
ploeg bekend gemaakt bij de start van het nieuwe seizoen.
Trainingen
21.
Iedereen is steeds 15 minuten voor het aanvangsuur aanwezig en 5 minuten
voor het begin van de training in correcte kleding in de sporthal.
22.
Kledij conform aan de voorschriften (T-shirt, volley-short, sportkousen,
knielappen, trainingspak, volleybalschoenen (volleybalschoenen doe je
pas aan in de kleedkamer!).
23.
Iedereen zal helpen bij het klaarzetten en opruimen van het terrein.
24.
De training kan niet vroegtijdig verlaten worden zonder toestemming van
de trainer.
25.
Taping en medische verzorging gebeuren vooraf.
26.
Alle kwetsuur-verhogende factoren tijdens de training moeten vermeden
worden:
-
in de zaal: verloren ballen, loshangende kettingen, onstabiele banken,…
verwijderen
-
persoonlijk: sieraden, armbanden, kettinkjes, oorbellen en ringen worden
weggelaten. Lange haren worden samengebonden in een staart.
27.
Er is steeds gelegenheid tot douchen en is vanuit hygiënisch oogpunt ook
gewenst voor iedereen.
28.
De laatste die de kleedkamer verlaat (ten laatste 15’ na de activiteit)
dient de kleedkamer proper te maken, zodat ook de volgende ploeg een
propere kleedkamer vindt. Dit neemt slechts 2’ in beslag.
Stages
29.
Wanneer stages worden georganiseerd, gebeurt dit met een open
boekhouding. Kosten worden verdeeld onder de deelnemers.
30.
Deelneming aan stages is steeds op vrijwillige basis
Administratief/financieel
31.
Verzekering
Niet alleen de spelende leden die officieel bij de club zijn aangesloten
maar ook de niet-spelende leden (bestuursleden, scheidsrechters,
medewerkers …) die aangesloten zijn worden door de bondspolis verzekerd.
Elk ongeval op training of tijdens een wedstrijd moet zo vlug mogelijk,
met gebruikmaking van het aangifteformulier dat ter plaatse of bij de
clubsecretaris kan bekomen worden, doorgegeven worden aan het
Volleybalverbond (VVB), die dan verder het nodige doet bij de
verzekeringsmaatschappij. Van dan af gebeurt de verdere afhandeling
tussen de verzekeringsmaatschappij en het slachtoffer. Zo worden alle
afrekeningsstukken en het genezingsattest rechtstreeks naar de
verzekeringsmaatschappij gestuurd, met vermelding van het dossiernummer.
Na een ongeval, dat werd aangegeven aan de maatschappij en waarvoor een
dossier werd geopend, moet altijd een genezingsattest worden ingediend
bij de verzekeringsmaatschappij, ook ingeval geen enkel afrekeningsstuk
werd ingediend en de verzekeringsmaatschappij geen financiële
tussenkomst hoefde te verlenen. Zonder dit attest is het niet toegelaten
om opnieuw te spelen. De verzekering komt tussen voor wat betreft het
verschil in het hetgeen het RIZIV en de mutualiteit betaalt. Kosten
waarvoor geen RIZIV tussenkomst is, worden door de verzekering niet
terugbetaald. Een aangifte van een sportongeval dient zo vlug mogelijk
te gebeuren, dit betekent ten laatste binnen de week na het ongeval.
Indien het aangifteformulier laattijdig bij de clubsecretaris terecht
komt, kan deze niet aansprakelijk gesteld worden voor het mogelijks niet
aanvaarden van het schadegeval.
32.
Lidgeld
Elke speler betaalt lidgeld. Dit lidgeld wordt jaarlijks door het
Bestuur vastgelegd en wordt betaald vóór 1 mei. Wie het lidgeld niet
tijdig betaalt wordt uitgesloten van alle activiteiten.
Spelers die tussen september en december de club vervoegen betalen het
volledige lidgeld. Spelers die na kerstmis toetreden tot de club betalen
de helft van het totale lidgeld, dus enkel de tweede schijf. Nieuwe
leden die al aangesloten waren bij een andere club, betalen éénmalig ook
het door de VVB aangerekende bedrag.
Leden die hun lidgeld volledig betaald hebben voor de vervaldag en door
omstandigheden (bv. zwangerschap, ernstige kwetsuren, verandering van
woonplaats, werkomstandigheden en alle andere omstandigheden door het
bestuur te beoordelen), niet aan het komende seizoen kunnen deelnemen,
krijgen hun lidgeld terug, verminderd met de aan de VVB betaalde
aansluitings- en verzekeringskosten. Zij dienen zelf om deze teruggave
te verzoeken bij de clubsecretaris.
33.
Trainersopleiding
De club voorziet in een financiële tussenkomst voor elk lid dat slaagt
in het behalen van een diploma als trainer. Deze tussenkomst bedraagt
1/3 van de kostprijs, uit te betalen na het 1e trainingsjaar bij de club
dat volgt op het behalen van het diploma en nog 1/3 van de kostprijs uit
te betalen op het einde van het 2e
trainingsjaar dat volgt op het behalen van het diploma.
Kledij/uitrusting
34.
Uitrusting
Alle uitrusting die door de club ter beschikking gesteld wordt van de
speelsters/spelers, dient verplicht gedragen te worden op beker- en
competitiewedstrijden en bij voorkeur ook op tornooien en
oefenwedstrijden. Verder raden wij ten stelligste aan, het dragen van:
-
volleybalschoenen zonder ZWARTE zolen (= verboden in veel sporthallen);
-
kniebeschermers;
-
trainingspak of minstens een sweater.
Alle sportgerief (wedstrijdtruitjes, trainingspakken, sporttassen en
eventuele andere) dat ter beschikking gesteld
wordt van de leden is en blijft eigendom van de club en dient op eerste
verzoek van de club teruggegeven te worden.
Indien het betrokken lid, binnen de 8 dagen nadat zij/hij hetzij
schriftelijk hetzij mondeling dit verzoek ontvangen heeft, hieraan geen
gevolg heeft gegeven, behoudt de vereniging zich het recht voor om van
het in gebreke gebleven lid een schadevergoeding te eisen gelijk aan de
aankoopprijs van nieuw vervangmateriaal.
35.
Sportmateriaal
Alle leden dienen het sportmateriaal (volleybalnet en toebehoren,
ballen, enz.) en de sportinfrastructuur (sportvloer, kleedkamers,
berging, enz.) als een “goed huisvader” te gebruiken. Dit betekent o.m.:
geen zwarte zolen op parketvloer, opbergen van alle ballen, afsluiten
van de ballenbakken en berging, plaatsen van palen en net op de daarvoor
voorziene plaatsen, opruimen van lege waterflessen, enz. Indien uit de
onachtzaamheid van de leden schade voortvloeit, behoudt de Raad van
Bestuur zich het recht voor die schade te verhalen op het in gebreke
gebleven lid of leden.